Monstera
De Monstera, ook wel bekend als de 'Gatenplant', is zonder twijfel de superster van de moderne huiskamer. Met zijn iconische bladeren en indrukwekkende omvang brengt hij direct een flinke dosis tropische flair in elk interieur. Maar deze plant is meer dan alleen een mooi plaatje voor op Instagram; hij heeft een rijke geschiedenis en een fascinerende overlevingsstrategie.
Water geven is het belangrijkste verzorgingspunt voor de meeste Monstera’s. Te veel water en de wortels rotten weg; te weinig en de plant wordt een hoopje ellende. Het is geen hogere wiskunde, maar je moet wel even weten wat de spelregels zijn.
De Monstera houdt van een licht vochtige bodem, maar hij is tegelijkertijd erg gevoelig voor 'natte voeten'. Het vinden van de juiste balans is essentieel om de bladeren gezond en de wortels sterk te houden. Hier zijn de belangrijkste richtlijnen:
-
Minimale hoeveelheid: De potgrond hoort na een gietbeurt minimaal 5 dagen licht vochtig te blijven. Is de aarde al binnen drie of vier dagen kurkdroog? Dan krijgt de plant niet de kans om voldoende reserves op te slaan voor zijn enorme bladeren. In dat geval mag je de volgende keer iets royaler gieten.
-
Maximale hoeveelheid: De grond moet al het water dat je geeft direct kunnen absorberen. Blijft er een laagje water onderin de pot of in de schotel staan? Dan geef je te veel. De wortels van een Monstera hebben zuurstof nodig; als ze constant onder water staan, stikken ze en ontstaat er wortelrot.
Tip: Zie je druppels aan de punten van de bladeren hangen? Dat noemen we guttatie. De plant 'zweet' dan overtollig water uit. Het is een teken dat de grond aan de natte kant is, dus doe de volgende keer een stapje terug met de gieter.
Er is geen "magische datum" waarop de Monstera water moet krijgen. De frequentie hangt namelijk volledig af van de omstandigheden in je huis. Het belangrijkste is dat je leert kijken naar je plant en de grond aanvoelt.
- Zomer & lente (groeiseizoen): De plant is nu hard aan het werk om nieuwe bladeren aan te maken. Door de hogere temperaturen en het vele licht verdampt hij veel water. Gemiddeld heeft hij nu eens per week water nodig. Houd de grond licht vochtig, maar niet kletsnat.
- Winter & herfst (rustperiode): Door het gebrek aan zonlicht gaat de Monstera in een soort 'winterslaap'. Zijn metabolisme vertraagt aanzienlijk. In deze periode verbruikt hij veel minder water. Eens per twee tot drie weken is vaak voldoende. Geef pas water als de grond voor zeker driekwart is opgedroogd.
Niet elke Monstera staat in standaard potgrond. Het type "ondergrond" bepaalt hoe vaak je de gieter tevoorschijn moet halen:
- Potgrond: Gemiddeld 1x per week in zomer. Aarde houdt vocht goed vast. Risico op wortelrot is hier het grootst als de grond te compact is.
- Bims: Ongeveer 1x per maand. Bims is zeer poreus en geeft water geleidelijk af. De de grove korrel zorgt het voor veel zuurstof bij de wortels waardoor de kans kleiner is op rot.
- Hydrocultuur. Ongeveer 1x per maand. De plant staat met zijn wortels in een laagje water onderin. Je vult het waterreservoir enkel bij als de watermeter op 'minimaal' staat.
Gouden tip: Bij twijfel? Wacht nog een dagje. Een Monstera laat zijn bladeren een klein beetje hangen als hij écht dorst heeft; dat is een veiliger signaal dan preventief te veel water geven.
Het is bijna onmogelijk om een exacte hoeveelheid water in liters voor te schrijven voor een Monstera. Waar de ene plant genoeg heeft aan een flinke scheut, heeft de andere een hele gieter nodig. Dit komt omdat zijn "dorst" wordt beïnvloed door een dynamische mix van factoren. Wat bepaalt de waterbehoefte van jouw Monstera?
- Het seizoen: In de lente en zomer is de Monstera in zijn nopjes en groeit hij hard; hij drinkt dan aanzienlijk meer. In de winter gaat hij in de spaarstand en verbruikt hij nauwelijks water.
- Lichtinval: Licht is de brandstof voor fotosynthese. Hoe meer (indirect) zonlicht de plant vangt, hoe harder zijn motor draait en hoe sneller hij de watervoorraad in de grond uitput.
- Klimaat in huis: Warme lucht (bijvoorbeeld door de verwarming in de winter) en een lage luchtvochtigheid zorgen ervoor dat water sneller uit de pot én uit de bladeren verdampt.
- Luchtstroom: Staat de plant op de tocht of bij een open raam? De langsstromende lucht trekt het vocht sneller uit de bladeren, waardoor de wortels sneller nieuw water moeten aanvoeren.
- Formaat van de plant: Een volwassen Monstera met enorme bladeren heeft een veel groter oppervlak om vocht te verdampen dan een klein 'Monkey Mask' stekje. Grote bladeren betekenen simpelweg een grotere waterbehoefte.
- Potmaat en Grond: Een kleine pot is sneller "leeg" gedronken dan een grote pot met een enorme hoeveelheid aarde. Ook het type substraat (zoals bims of potgrond) bepaalt hoe lang het vocht wordt vastgehouden.
Tip: Behandel de bovenstaande lijst als een checklist. Als je de verwarming hoger zet of de plant naar een lichtere plek verhuist, weet je dat je vinger vaker even de grond in moet om te checken of hij alweer een slokje lust.
De Monstera mag dan wel gewend zijn aan de droge lucht van onze Nederlandse woonkamers, maar als je hem écht wilt zien stralen, moet je terugdenken aan die "tropische sauna" waar hij vandaan komt. Luchtvochtigheid is voor een Monstera vaak het verschil tussen simpelweg overleven en spectaculair floreren.
De ideale luchtvochtigheid: 60% of Hoger
In het regenwoud is de luchtvochtigheid bijna constant boven de 80%. In onze huizen (zeker als de verwarming aanstaat) zakt dit vaak naar 30% of 40%.
- Het ideaal: Een luchtvochtigheid van 60% tot 70% is de sweet spot. De plant maakt dan grotere bladeren aan, de luchtwortels groeien sneller en nieuwe bladeren rollen makkelijker uit.
- De ondergrens: Probeer het niet onder de 50% te laten zakken. Gebeurt dit wel, dan krijgt de plant het lastig.
Waaraan herken je te droge lucht?
Je Monstera is een meester in het communiceren van ongemak. Let op de volgende signalen:
- Bruine, knisperende randjes: Vooral aan de punten en randen van de bladeren.
- Moeizaam uitrollen: Nieuwe bladeren blijven 'plakken' in hun huls en komen er soms beschadigd of vervormd uit.
- Doffe bladeren: De kenmerkende glans verdwijnt en de plant ziet er een beetje 'moe' uit.

Een Monstera die te nat staat, vertoont een heel specifiek schadebeeld. Let op de volgende signalen:
- Gele bladeren: Vaak begint het bij de onderste (oudste) bladeren die massaal geel kleuren.
- Bruine, zachte plekken: In tegenstelling tot de droge, knisperende randen bij een tekort aan vocht, zijn de plekken bij te veel water vaak donkerbruin tot zwart en voelen ze slap of 'snotterig' aan. Vaak zit er een gele rand om de bruine plek heen.
- Slappe stengels: De plant verliest zijn stevigheid en gaat hangen, ondanks dat de grond nat is.
- Guttatie (Extreem 'zweten'): Als er constant druppels aan de bladpunten hangen, probeert de plant actief overtollig water kwijt te raken. Een paar druppels is normaal, een constante stroom is een waarschuwing.
- Nare geur: Als je aan de potgrond ruikt en een zure, rottende lucht waarneemt, is het foute boel onder de oppervlakte.
Het is zelden alleen die ene gieter te veel; vaak is het een combinatie van factoren:
- Een laagje water: De pot heeft geen gaten aan de onderkant, waardoor het water onderin blijft staan. Of er is geen watermeter waardoor de plant ongemerkt in een te diepe laag water staat.
- Te compacte grond: De potgrond is te zwaar en houdt water vast als een spons, waardoor er geen lucht bij de wortels komt.
- Lichtgebrek: Als de Monstera te donker staat, verbruikt hij nauwelijks water voor fotosynthese, waardoor de grond dagenlang drassig blijft.
Heb je wortelrot geconstateerd? Geen paniek, de Monstera is een sterke overlever. Volg deze stappen:
- Haal de plant uit de pot: Verwijder voorzichtig alle natte aarde rondom de wortels. Spoel ze eventueel af onder de kraan om goed zicht te krijgen.
- Wortels snoeien: Gezonde wortels zijn wit en stevig. Rottende wortels zijn bruin, slijmerig en vallen vaak uit elkaar als je ze aanraakt. Knip alle rotte delen weg met een gedesinfecteerde schaar.
- Nieuwe start: Verpot de plant in verse, luchtige potgrond (meng het bijvoorbeeld met perliet of boomschors voor extra lucht).
- Rantsoen: Geef de eerste week geen water, zodat de wonden aan de wortels kunnen helen. Begin daarna pas weer heel voorzichtig met water geven volgens de "50%-regel" (laat de bovenste helft van de grond eerst opdrogen).

Wanneer de plant niet genoeg water krijgt om zijn grote bladeren onder druk te houden, zie je de volgende signalen:
- Slappe, hangende bladeren: De plant verliest zijn stevigheid. De stengels buigen door en de bladeren hangen futloos naar beneden.
- Krullende bladeren: Om verdamping tegen te gaan, rolt de Monstera zijn bladeren naar binnen. Dit is een klassiek overlevingsmechanisme.
- Knisperende bruine randen: In tegenstelling tot de zachte, donkere vlekken bij te veel water, zijn de randen nu juist papierachtig, droog en bros.
- Lichtgewicht pot: De pot voelt verrassend licht aan als je hem optilt.
- Krimpende grond: De potgrond is zo droog dat deze is losgekomen van de randen van de pot, waardoor er een kier ontstaat.
Het lijkt simpel ("je bent hem vergeten"), maar er kan meer aan de hand zijn:
- Vergeten gietbeurten: De meest voor de hand liggende reden, vaak tijdens vakanties of drukke periodes.
- Waterafstotende grond: Als potgrond volledig uitdroogt, wordt het hydrofoob. Het water loopt dan direct langs de zijkanten naar beneden zonder de wortels in de kern te bereiken.
- Te veel zon of warmte: Staat de plant in de felle zon of boven een loeiende verwarming? Dan verdampt hij sneller water dan de wortels kunnen aanvoeren.
- De plant is zijn pot ontgroeid: Als de pot bijna alleen nog maar uit wortels bestaat en nauwelijks meer uit aarde, is er simpelweg geen ruimte meer om water vast te houden.
Een scheutje water van bovenaf is bij een kurkdroge plant vaak niet genoeg. Gebruik deze methode:
- Het dompelbad: Dit is de beste manier voor een uitgedroogde Monstera. Zet de binnenpot (met gaten) in een emmer of gootsteen met een laag handwarm water. Laat de plant 30 tot 60 minuten staan, zodat de grond het water van onderaf kan opzuigen als een spons.
- Luchtwortels helpen: Heb je lange luchtwortels? Leid deze in de pot of hang ze in een apart glaasje water. Dit geeft de plant een directe extra "infuus" van vocht.
- Sproeien voor directe verlichting: Besproei de bladeren met een plantenspuit om de verdamping tijdelijk te stoppen en de luchtvochtigheid direct rond de plant te verhogen.
- Snoeien (indien nodig): De volledig bruine, dode bladeren zullen niet meer herstellen. Knip deze weg zodat de plant zijn energie kan steken in nieuwe groei.
Let op: Geef na een periode van droogte niet direct een enorme "overdosis" water waardoor de plant dagenlang in een modderpoel staat. De wortels moeten weer even wennen aan vocht.


Monstera professioneel bewateren
Met bims of hydrokorrels en een watermeter
Vul het waterreservoir eens per maand aan tot het gewenste niveau op de meter. Dit garandeert de exacte dosering en voorkomt gietfouten. Dankzij het luchtige substraat creëer je een grotere waterbuffer zonder risico op wortelrot.
De Monstera vindt zijn oorsprong in de vochtige, tropische regenwouden van Centraal- en Zuid-Amerika, van Mexico tot Panama.
In de natuur is het een echte klimmer; met behulp van zijn sterke luchtwortels slingert hij zich langs boomstammen omhoog, op zoek naar het zonlicht dat door het bladerdak sijpelt.
De Monstera is een kind van de Neotropen, een biologisch gebied dat de tropische regio’s van de Amerika’s beslaat. Zijn natuurlijke koninkrijk strekt zich uit van de vochtige valleien in het zuiden van Mexico tot diep in Panama, met uitlopers in landen als Colombia, Venezuela en Ecuador. Hij is daar niet zomaar een plant; hij is een essentieel onderdeel van het complexe ecosysteem van het laaglandregenwoud.
In het verspreidingsgebied van de Monstera heerst een tropisch regenwoudklimaat. Dit betekent dat de seizoenen nauwelijks van elkaar verschillen. De temperatuur schommelt het hele jaar door constant tussen de 20°C en 30°C. Vorst is hier onbekend; koude is de grootste vijand van de plant.
De luchtvochtigheid is hier de sleutel tot zijn succes. In deze bossen bedraagt de vochtigheidsgraad zelden minder dan 80%. Dit verklaart waarom de Monstera bij ons in de woonkamer zo verzot is op een sproeibeurt; zijn hele evolutie is ingesteld op het opnemen van vocht via de lucht. De neerslag is er overvloedig, vaak meer dan 2000 mm per jaar, wat zorgt voor een bodem die bijna altijd vochtig is, maar door de bladerlaag nooit verstikkend zwaar.
Stel je een dicht, meerlagig woud voor waar het zonlicht moeite heeft om de grond te bereiken. De bossen waarin de Monstera groeit, worden gedomineerd door gigantische woudreuzen (zoals mahonie- en kapokbomen) die wel 40 tot 60 meter hoog kunnen worden.
Op de bosbodem is het schemerig; slechts 2% van het zonlicht bereikt de onderste laag. Hierdoor is de concurrentie om licht moordend. Het bos is een wirwar van lianen, varens, mossen en andere epifyten (planten die op bomen groeien). De lucht is zwaar en ruikt naar natte aarde en rottend organisch materiaal, wat de perfecte voedingsbodem vormt voor de wortels van de Monstera.
De Monstera heeft een fascinerende manier om in dit dichte bos te overleven. Hij begint zijn leven vaak op de bosbodem als een kleine zaailing. Terwijl de meeste planten naar het licht toe groeien (fototropisme), vertoont een jonge Monstera-zaailing vaak skototropisme: hij groeit naar de donkerste plek in zijn omgeving. In de jungle betekent "donker" namelijk de aanwezigheid van een massieve boomstam.
Zodra hij een boom vindt, begint zijn transformatie:
- De klim: Met behulp van zijn krachtige, kleverige luchtwortels verankert hij zich in de schors. Hij begint als een hemiepifyt: hij heeft wortels in de grond, maar leeft "op" een andere plant.
- Luchtwortels als steunpilaren: Naarmate hij hoger klimt, laat hij lange, dikke luchtwortels naar beneden zakken. Deze kunnen meterslang worden voordat ze de grond raken. Eenmaal in de grond fungeren ze als extra "stroomkabels" voor water en voedingsstoffen, maar ook als ankers die de loodzware plant ondersteunen tijdens tropische stormen.
- Bladtransformatie: Hoe hoger hij komt en hoe meer licht hij vangt, hoe groter de bladeren worden en hoe meer gaten (fenestraties) er ontstaan. In de top van de boom, waar de wind harder waait en de regenval intenser is, zorgen deze gaten ervoor dat het blad niet afscheurt en dat het water direct naar de wortels beneden wordt geleid.

De Monstera heeft zijn naam 'Gatenplant' te danken aan de gaten in de bladeren. De Monstera is een botanisch meesterwerk. Elk onderdeel van deze plant is met een specifieke reden geëvolueerd, wat resulteert in een uiterlijk dat zowel robuust als elegant is. Hieronder volgt een uitgebreide ontleding van de anatomie van de Monstera:
De bladeren zijn de absolute sterren van de show. Bij een jonge Monstera beginnen ze vaak als kleine, dichte, hartvormige blaadjes zonder gaten. Maar naarmate de plant volwassen wordt, ondergaan ze een spectaculaire transformatie:
- Vorm en Textuur: De bladeren zijn leerachtig, dik en hebben een diepgroene, glanzende kleur. Ze kunnen bij een volwassen Monstera deliciosa een diameter bereiken van wel 50 tot 90 centimeter.
- Fenestraties (De Gaten): Dit is wat de plant beroemd maakt. De bladeren ontwikkelen diepe insnijdingen aan de randen en ovale gaten nabij de nerf. Dit patroon is bij elk blad uniek, als een botanische vingerafdruk.
- De Bladsteel: Het blad zit vast aan een lange, stevige steel (de bladsteel). Op het punt waar het blad de steel raakt, zie je vaak een kleine 'knik' of rimpeling (het geniculum), waardoor de plant het blad naar het licht kan draaien.
Waarom de gaten?
De kenmerkende gaten in het blad zien er fantastisch uit, maar zijn puur functioneel:
- Lichtdoorlatendheid: Dankzij de gaten kan het zonlicht ook de onderste bladeren van de plant bereiken.
- Windbestendigheid: In het regenwoud fungeren de gaten als 'windvangers' waardoor de bladeren minder snel scheuren tijdens tropische stormen.
In tegenstelling tot wat velen denken, is de Monstera geen struik of boom, maar een klimmende liaan.
- Structuur: De stengel is dik (1 - 10cm) , groen en vlezig. Hij groeit niet in een nette rechte lijn, maar slingert zich een weg omhoog.
- Vertakking: De Monstera is van nature weinig vertakt. Hij groeit meestal vanuit één hoofdpunt (het groeipunt) gestaag door. Pas als de stengel beschadigd raakt of wordt afgesneden, zal de plant 'slapende ogen' op de stengel activeren om nieuwe zijscheuten aan te maken.
- Knopen en Internodiën: De stengel is opgedeeld in 'knopen' (nodes) – de verdikte segmenten waar bladeren en wortels uit groeien en de tussenstukken (internodiën).
Een van de meest opvallende (en soms verwarrende) kenmerken van de Monstera zijn de luchtwortels die als bruine touwen uit de stengel groeien.
- Uiterlijk: Ze zijn stug, bruin en hebben een bijna houtachtige buitenkant. Ze kunnen meterslang worden.
- Functie: In de natuur dienen ze als ankers om de plant aan boomstammen vast te klampen. Daarnaast zijn het "reserve-rietjes": zodra ze de grond raken, veranderen ze van structuur en gaan ze water en voedingsstoffen opnemen om de hooggelegen bladeren te voeden.
- Tip: Knip de luchtwortels liever niet af. Als je ze rommelig vindt staan, kun je ze het beste voorzichtig terug in de potgrond leiden. De plant zal je bedanken met nog grotere bladeren.
Onder de grond bevindt zich een complex wortelstelsel dat verschilt van de luchtwortels.
- Uiterlijk: Deze wortels zijn lichter van kleur (vaak wit of beige als ze gezond zijn), zachter en veel meer vertakt dan de luchtwortels.
- Functie: Ze vormen een dicht netwerk dat de plant stabiliseert in de losse junglegrond. Ze zijn gespecialiseerd in het snel opnemen van grote hoeveelheden water en mineralen. In een pot groeien ze vaak snel rond in een cirkel, op zoek naar ruimte.
Wist je dat?
Een Monstera bij een zeer hoge luchtvochtigheid zelfs zonder bodemwortels kan overleven? De luchtwortels nemen in dat geval vocht rechtstreeks op uit de lucht.
In de huiskamer zul je het zelden zien, maar in de natuur (of in een zeer grote kas) bloeit de Monstera.
- De Kelk (Spata): De bloem bestaat uit een groot, roomwit of geelachtig schutblad dat als een soort kap rond de bloemkolf zit. Het lijkt op de bloem van een reusachtige Lepelplant (Spathiphyllum).
- De Kolf (Spadix): In het midden staat een dikke, cilindervormige kolf. Hierop groeien honderden minuscule bloemetjes.
- De Vrucht: Na de bloei ontwikkelt de kolf zich tot een vrucht die eruitziet als een groene, geschubde maïskolf. Het duurt vaak een jaar voordat deze rijp is. De smaak wordt omschreven als een mix van ananas en banaan, vandaar de naam deliciosa.

Van nature groeit de Monstera onder het dichte bladerdak van de tropische jungle, waar hij veel indirect licht krijgt zonder ooit direct door de felle zon te worden geraakt.
Zijn bladeren zijn echte lichtzoekers die zich altijd trouw naar de zon toe draaien. Hierdoor komt de plant visueel het best tot zijn recht wanneer je hem bekijkt vanuit de hoek waar het licht vandaan komt. In dit geval kun je de plant het beste niet draaien; hoewel de achterkant hierdoor wat minder vol wordt, creëert de Monstera aan de voorzijde juist een indrukwekkend, weelderig bladerscherm. Staat de plant met de achterzijde tegen een muur? Dan is die minder mooie kant natuurlijk niet zichtbaar.
Helder, indirect licht: Dit is de absolute favoriet. Een plek nabij een raam op het oosten of westen is ideaal.
Vermeid de middagzon: Direct zonlicht op het zuiden rond het middaguur kan de bladeren letterlijk verbranden, wat resulteert in lelijke bruine vlekken. Gebruik in dat geval een lichtdoorlatend gordijn.
Schaduw kan, maar met mate: De plant overleeft op een donkerdere plek, maar de groei zal stagneren en de iconische gaten (fenestraties) zullen wegblijven. Ook is de kans op schade door te veel water groter.
Eigenlijk is dit niet de juiste vraag om mee te beginnen. Hoewel lux-waardes een indicatie geven, vertelt een eenmalige meting nooit het hele verhaal. Licht is namelijk dynamisch; het verandert per uur, per seizoen en per weertype.
De valstrik van de momentopname
Lichtmetingen zijn momentopnames en geven geen compleet beeld van de lichtomstandigheden op de lange termijn. Een voorbeeld:
- De winter-meting: Stel dat je op een bewolkte winterochtend de lichtintensiteit meet op de plek waar je jouw Monstera wilt neerzetten. Je meet 1.000 lux. Dat lijkt ideaal voor een plant die van indirect licht houdt.
- De zomer-realiteit: Op diezelfde plek kan de lichtintensiteit op een zonnige juni middag doorschieten naar 15.000 lux of meer. Voor een Monstera is dit veel te intens, met verbrande bladeren tot gevolg.
Gebruik je smartphone als kompas
Hoewel een lux-meting niet alleszeggend is, is een sensor-app op je smartphone wél een geweldig hulpmiddel om verhoudingen te begrijpen.
- Probeer dit eens: Meet het licht direct naast het raam en doe hetzelfde op slechts twee meter afstand van datzelfde raam. Je zult versteld staan hoe vliegensvlug de lux-waardes kelderen bij een klein afstandsverschil.
Gebruik de app dus vooral om te experimenteren en de verschillende 'lichtzones' in je kamer met elkaar te vergelijken, in plaats van blind te varen op één enkel getal.
De Monstera Variegata (zoals de 'Albo' of 'Thai Constellation') is de absolute diva onder de gatenplanten. Hoewel ze prachtig zijn met hun witte of crèmegele vlekken, maakt deze variatie de plant ook een stuk veeleisender qua licht.
Hier is hoe de lichtbehoefte van een Variegata afwijkt van de standaard groene variant:
- De paradox: Meer licht nodig, maar gevoeliger voor de zon
De witte delen van het blad bevatten geen bladgroen (chlorofyl). Bladgroen is de "motor" van de plant: het vangt licht op en zet dit om in energie (fotosynthese).- Het probleem: Omdat een groot deel van het blad wit is, heeft de plant minder "motoroppervlak" om energie te produceren.
- De oplossing: Om toch genoeg energie te krijgen, moet de Variegata op een veel lichtere plek staan dan een gewone Monstera. Ze heeft simpelweg meer fotonen nodig op de kleine groene gedeeltes die ze nog wél heeft.
- Het gevaar van "Reversie" (Terugslaan)
Als een Monstera Variegata op een te donkere plek staat, raakt de plant in de overlevingsmodus.- Wat er gebeurt: De plant merkt dat de witte delen geen energie opleveren en zal proberen weer volledig groene bladeren aan te maken om meer licht te kunnen vangen. Dit noemen we reversie. Je dure bonte plant verandert dan langzaam weer in een gewone groene Monstera, en dat is vaak onomkeerbaar voor die specifieke stengel.
- Bruine vlekken in het wit
Het witte deel van het blad is niet alleen nutteloos voor de energieproductie, het is ook nog eens extreem kwetsbaar.- Zonnebrand: Omdat de witte delen geen pigment hebben, verbranden ze veel sneller dan groene delen. Directe middagzon is voor een Variegata vaak fataal; het wit wordt dan binnen no-time bruin en papierachtig.
- Lichtstress: Zelfs zonder directe zon kunnen de witte delen bruin worden als de plant moeite heeft om de balans tussen licht en waterverbruik te vinden.
De iconische gaten in het blad van een Monstera — wetenschappelijk fenestraties genoemd — zijn er niet alleen voor de sier. In de natuur zijn ze het resultaat van een briljante overlevingsstrategie die alles te maken heeft met lichtbeheer in de donkere jungle.
Hier is waarom die gaten cruciaal zijn voor de lichtopname:
Licht voor de "onderburen"
De Monstera begint zijn leven op de bosbodem en klimt via boomstammen omhoog naar het licht. Zonder gaten zouden de enorme bovenste bladeren alle zonlicht blokkeren voor de onderste bladeren van dezelfde plant.
- Het filter-effect: Dankzij de gaten fungeert het bovenste blad als een soort zeef. Het laat zonnestralen door naar de jongere bladeren die lager aan de stengel groeien. Zo kan de plant met zijn hele "lichaam" energie produceren in plaats van alleen met de top.
Maximaal oppervlak, minimale kosten
Een plant wil zoveel mogelijk zonlicht opvangen. Hoe groter het blad, hoe meer "zonnepaneel" je hebt. Maar een gigantisch massief blad is zwaar en kost de plant enorm veel energie en voedingsstoffen om te onderhouden.
- De slimme oplossing: Door gaten te maken, kan de Monstera de omtrek van zijn blad vergroten zonder dat hij extra bladmoes (weefsel) hoeft aan te maken. Hij spreidt zijn blad over een groter oppervlak uit om de kans op een toevallige zonnestraal die door het bladerdak van de jungle piept ("sunflecks") te maximaliseren.
De "Sunfleck" strategie
In het regenwoud is licht schaars en onvoorspelbaar. Licht bereikt de grond vaak in korte, felle flitsen wanneer de wind de bladeren van de reusachtige bomen erboven beweegt.
- Door de gaten en de grillige vorm van het blad kan de Monstera deze bewegende lichtvlekken veel efficiënter "vangen" dan wanneer hij één compact, rond blad zou hebben.
Wist je dat?
De plant "beslist" pas of hij gaten maakt op basis van de hoeveelheid licht die hij krijgt.
- Krijgt je Monstera te weinig licht? Dan zullen de nieuwe bladeren weer hartvormig en dicht zijn. De plant denkt dan: "Ik heb al zo weinig licht, ik kan het me niet veroorloven om gaten in mijn zonnepanelen te laten vallen."
- Krijgt hij veel indirect licht? Dan voelt de plant zich rijk genoeg om die spectaculaire gaten en inkepingen te maken.
Kortom: De gaten zijn een teken van een gezonde, goedgevoede plant die genoeg licht krijgt om "sociaal" te zijn naar zijn eigen onderste bladeren.

Hoewel een Monstera prima tegen direct licht kan in de ochtend, avond of winter, is de krachtige lente- en zomerzon rond het middaguur riskant. Een paar uur onbeschermd zonlicht leidt in de lente en zomer direct tot verbrande plekken
Verbrande plekken
Dit is het meest duidelijke teken. Er verschijnen bleke, witte of grijsachtige vlekken op de bladeren, die later veranderen in droge, bruine schroeiplekken. Dit gebeurt meestal op de delen van het blad die het dichtst bij het raam staan.
Geelverkleuring van het blad
Voordat het blad echt verbrandt, kan het er bleek of geel uit gaan zien. Dit komt doordat het bladgroen (chlorofyl) wordt afgebroken door de intense uv-straling. Het blad ziet er dan "uitgewassen" uit.
Krullende bladeren
Om vochtverlies te beperken, zal de Monstera haar bladeren naar binnen krullen. Dit is een zelfverdedigingsmechanisme om het oppervlak dat aan de zon wordt blootgesteld te verkleinen.
Hangende stengels en droge grond
Te veel licht gaat vaak gepaard met hitte, waardoor de plant sneller water verdampt dan de wortels kunnen opnemen. De plant wordt slap en de potgrond droogt binnen no-time uit.
Lichtschade bij de Monstera komt eigenlijk alleen voor in de lente en zomer, wanneer de plant tussen 11:00 en 15:00 uur in het directe zonlicht staat. Dit risico is het grootst bij een raam op het zuiden, zelfs tot een afstand van 2 à 3 meter tot het raam.
Als je merkt dat je Monstera last heeft van de felle zon, zijn er drie hoofdwegen om dit op te lossen. Het doel is niet om de plant in het donker te zetten, maar om het licht te filteren of de afstand te vergroten.
1. Vergroot de afstand
De meest eenvoudige oplossing is de plant verder van het raam wegzetten.
- Zuid-raam: Verplaats de plant naar een plek 2 tot 3 meter van het raam af. Op deze afstand is het licht nog steeds helder, maar zijn de schadelijke uv-stralen minder geconcentreerd.
- West-raam: De middag- en avondzon kunnen hier erg heet zijn. Een meter afstand is vaak al voldoende.
Filter het licht (Diffuus licht)
Je hoeft de plant niet te verplaatsen als je het licht kunt "breken". Dit creëert een omgeving die lijkt op de natuurlijke habitat van de Monstera (onder het bladerdek van de jungle).
- Lichtdoorlatende gordijnen: Gebruik vitrage of dunne rolgordijnen. Dit laat wel licht door, maar blokkeert de directe 'hittestraling' op het blad.
- Raamfolie: Matte raamfolie werkt perfect om harde zonnestralen om te zetten in zacht, diffuus licht.
Pas de standplaats aan per seizoen
Lichtintensiteit verandert gedurende het jaar. Wees flexibel:
- Lente/Zomer: Verplaats de plant naar een hoek met minder directe instraling of zet hem achter een grotere plant die meer zon kan verdragen.
- Herfst/Winter: In deze maanden is de zonkracht in Nederland en België veel zwakker. Je kunt de Monstera dan juist weer dichter bij het raam zetten om te voorkomen dat hij stagneert in de groei.

- Geen gaten in de nieuwe bladeren
Dit is het meest bekende symptoom. De iconische gaten (fenestraties) zijn bedoeld om wind en licht door te laten naar de onderste bladeren. Als de plant te weinig licht krijgt, produceert hij alleen nog maar kleine, dichte, hartvormige bladeren omdat hij simpelweg de energie niet heeft om complexe bladeren te maken. - "Leggy" groei (Lange, dunne stengels)
De plant krijgt last van etiolering: hij maakt extreem lange bladstengels aan met veel ruimte tussen de bladeren. De Monstera probeert letterlijk naar de dichtstbijzijnde lichtbron toe te groeien met zo min mogelijk bladeren. - Bladeren die niet groter worden
Nieuwe bladeren blijven vaak kleiner dan de bladeren die er al aan zaten toen je de plant kocht. Ook groeit de plant merkbaar langzamer; in de zomer zou er normaal gesproken elke paar weken een nieuw blad moeten verschijnen. - Donkergroene kleur of gele bladeren
- Donkergroen: De plant maakt extra bladgroen aan om elk beetje licht op te vangen dat er is.
- Geel: Bij een structureel tekort kan de plant de onderste (oudste) bladeren afstoten omdat hij niet genoeg energie heeft om de hele plant te onderhouden.
- De grond blijft te lang nat
Dit is een gevaarlijk signaal. Omdat de plant zonder licht niet actief groeit, "drinkt" hij ook bijna niet. De potgrond blijft hierdoor wekenlang drassig, wat kan leiden tot wortelrot, zelfs als je niet veel water geeft.
De belangrijkste reden voor lichtgebrek is dat wij de lichtintensiteit in huis vaak overschatten. Onze ogen passen zich razendsnel aan het donker aan, waardoor een hoek voor ons "licht" lijkt, terwijl het voor een plant "duister" is.
Veelvoorkomende fysieke oorzaken:
- Verkeerde positie: De plant staat naast het raam in de schaduw van de muur, in plaats van er recht voor. De lichtinval is daar direct 50% tot 80% minder.
- Lichtblokkerende raambekleding: Gordijnen, vitrages of luxaflex zijn grote boosdoeners. Zelfs luxaflex die 'open' staat maar wel omlaag is, blokkeert al snel de helft van het beschikbare licht.
- Externe obstakels: Zaken buiten je macht, zoals het balkon van de bovenburen, grote bomen of gebouwen aan de overkant, werpen vaak meer schaduw naar binnen dan je met het blote oog waarneemt.
- Kenmerken van het raam: Moderne ramen met een (onzichtbaar) UV-filter of dubbele beglazing laten minder groeispectrum door.
- Formaat en richting: Een klein raam of een raam op het noorden biedt simpelweg een aanzienlijk lagere lichtintensiteit dan een groot raam op het westen.
Je kunt de ideale lichtsterkte heel eenvoudig controleren met de schaduw-test. Je hebt hier geen dure apparatuur voor nodig, alleen je hand en een wit vel papier (of een lichte muur).
Hoe werkt het?
Ga op de plek staan waar je Monstera staat (of komt te staan) op een moment dat het buiten licht is, en houd je hand ongeveer 30 centimeter boven een wit oppervlak.
- Scherpe, duidelijke schaduw: Er is sprake van direct licht. Dit is perfect voor de vroege ochtend of winter, maar in de zomermiddag is dit te heftig voor de Monstera.
- Zachte, wazige schaduw: Dit is de "sweet spot" (indirect licht). Je ziet duidelijk dat er een schaduw is, maar de randen zijn niet messcherp. Dit is precies wat een Monstera nodig heeft om grote bladeren met gaten te maken.
- Bijna geen of geen schaduw: Dit is te weinig licht. Als de contouren van je hand nauwelijks zichtbaar zijn, zal de plant hier gaan "overleven" in plaats van groeien.
De "Licht-check" per raam
Als je weet waar je raam op gericht is, kun je deze richtlijn aanhouden:
- Noord: Direct voor het raam (het licht is hier nooit te fel).
- Oost: Maximaal 1 tot 2 meter van het raam (heerlijke ochtendzon).
- West: 2 tot 3 meter van het raam (pas op voor de hete namiddagzon).
- Zuid: 3 meter of meer van het raam, of achter een dun gordijn.

De grote bladeren van de Monstera zijn niet alleen mooi, ze fungeren ook als het dashboard van de plant. Aan de kleur en textuur kun je precies aflezen hoe hij zich voelt. Zie je veranderingen? Grijp dan in tijdens je kwartaal-check, want elk 'lelijk' blad heeft een oorzaak én een gevolg voor de gezondheid van je plant.
- Bruine randen of plekken: Bruine, knisperende randen wijzen vaak op een te lage luchtvochtigheid of te weinig water. Zitten er echter donkerbruine, zachte vlekken midden op het blad? Dan is er vaak sprake van overbewatering.
- Gevolg: Bruine delen zijn dood weefsel; ze herstellen niet meer en kosten de plant energie om af te stoten. Bovendien ontsieren ze de kenmerkende vormen van de Monstera.
- Gele bladeren: Een enkel geel blad aan de onderkant is vaak ouderdom (normaal), maar meerdere gele bladeren zijn een noodsignaal. Dit kan komen door te veel licht.
- Gevolg: De bladeren verliezen hun diepe, gezonde kleur en vitaliteit. Deze vorm van 'zonnebrand' herstelt niet meer. De plant raakt gestrest en de groei stagneert, dus een plekje iets verder van het raam is noodzakelijk.
- Vlekken in het blad: Zie je kringen, gele spikkels of zilverachtige vlekjes? Dit is zelden een waterprobleem, maar duidt vaak op ongedierte (zoals trips of spint).
- Gevolg: Ongedierte zuigt de sappen uit het blad, waardoor de Monstera verzwakt en vatbaar wordt voor ziektes. Als je dit niet behandelt, besmet je bovendien andere planten in de ruimte.
- Stof op het blad: Door het grote oppervlak is de Monstera een ware stofvanger. Hoewel dit onschuldig lijkt, is het schadelijk voor de groei.
- Gevolg: Een laag stof blokkeert zonlicht, waardoor de fotosynthese afneemt. Daarnaast raken de huidmondjes verstopt, waardoor de plant minder goed kan 'ademen'. Een stoffige plant groeit trager en oogt dof.
De Monstera is een snelle groeier die flink wild kan worden. Om te voorkomen dat hij je hele kantoor of woonkamer overneemt, is snoeien soms noodzakelijk. Zie het niet als beschadiging, maar als een verjongingskuur.
Wat en hoe snoei je?
- Oude en lelijke bladeren: Bladeren die verkleurd of beschadigd zijn, kosten de plant onnodig veel energie. Volg de steel van het blad tot aan de hoofdstam en snijd of knip hem daar zo dicht mogelijk bij de basis af.
- Lange, kale stengels: Heb je stengels die alleen aan de bovenkant nog blad hebben en er verder kaal uitzien? Durf deze flink terug te snoeien. Het voelt rigoureus, maar het dwingt de plant om zijn energie opnieuw te verdelen. Hierdoor zullen slapende 'ogen' onderin de plant geactiveerd worden, wat zorgt voor nieuw blad vanuit de basis. Zo tover je een langgerekte spriet om tot een vollere plant.
- Luchtwortels: De lange, bruine slierten aan de stengels zijn luchtwortels. Vind je ze niet mooi of worden ze te lang? Je mag ze gerust afknippen; de plant ondervindt hier geen hinder van. Een andere optie is ze terug in de aarde te leiden voor extra vocht opname.
Goed om te weten: het doel van snoeien Snoei bij een Monstera vooral om de vorm te corrigeren ('modeleren') of de plant te verjongen, en niet zozeer om hem voller te maken door vertakkingen.
- Kans op vertakking: Waar veel planten zich splitsen na een knipbeurt (twee takken voor één), is die kans bij de Monstera heel klein. Het is niet onmogelijk, maar meestal groeit de stengel gewoon via één nieuw uitlooppunt verder. Snoei dus niet met het doel om een 'struik' te creëren, maar om de balans en frisheid terug te brengen.
Tips voor de snoeibeurt:
- Hygiëne: Gebruik altijd een scherp en schoon mes. Dit voorkomt rafelige wonden en ziektes.
- Pas op voor sap: Het sap van de Monstera kan irriteren op de huid. Was na het snoeien je handen en pas op voor vlekken op kleding.
- Timing: Snoeien doe je het liefst in het voorjaar of de zomer, wanneer de plant in zijn groeifase zit en snel herstelt.
De Monstera is een sterke plant, maar helaas niet immuun voor beestjes. Vaak liften ze mee op kleding of komen ze binnen via tocht. Tijdens je kwartaal-check is een inspectie cruciaal: hoe eerder je erbij bent, hoe makkelijker je ervan afkomt. Kijk goed op, maar vooral ook onder het blad en in de oksels van de stengels.
De verdachten op een rij:
- Trips (De sluipmoordenaar): Dit is vijand nummer één voor de Monstera. Trips zijn hele kleine, langwerpige beestjes die je nauwelijks ziet.
- Herkenning: Ze zuigen cellen leeg, wat zorgt voor zilverachtige of grauwe vlekken op het blad. Zie je kleine zwarte puntjes in die vlekken? Dat is hun uitwerpselen.
- Wolluis (De pluizenbol): Deze luis beschermt zich met een witte, draderige waslaag.
- Herkenning: Het lijkt alsof er kleine bolletjes witte watten of schimmel op de plant zitten. Ze verstoppen zich graag in de 'oksels' waar het blad aan de stengel vastzit, of bij nieuwe, nog opgerolde bladeren.
- Spint (De droogte-liefhebber): Spint slaat vaak toe in de winter als de verwarming aanstaat en de lucht droog is.
- Herkenning: Je ziet een doffe, gele gloed over het blad komen. Bij een ernstige besmetting zie je fijne spinraggen tussen de bladeren of bij de punten.
Actieplan: wat moet je doen?
- Quarantaine: Zet je Monstera direct apart, weg van andere planten. Ongedierte loopt of vliegt makkelijk over naar de buren.
- Schoonmaken: Veeg de bladeren af met een vochtige doek om zoveel mogelijk beestjes handmatig te verwijderen. Bij spint helpt het om de plant even onder een lauwe douche te zetten (dek de grond af zodat de pot niet volloopt).
- Bestrijden: Huis-tuin-en-keukenmiddeltjes werken vaak maar tijdelijk. Voor een effectieve aanpak gebruik je liever een milieuvriendelijke insectenspray of biologische bestrijding (zoals aaltjes). Herhaal de behandeling na een week, want eitjes komen later uit.
Water is slechts de dorstlesser; voeding is de maaltijd. Omdat jouw Monstera in een pot staat, kan hij niet zelf met zijn wortels op zoek naar voedsel. De voedingsstoffen die standaard in de potgrond zitten, zijn na ongeveer zes tot acht weken opgebruikt. Daarna is hij afhankelijk van jou om die grote, groene bladeren te blijven produceren.
Gebruik je kwartaal-check voor de timing: Niet elk kwartaal is hetzelfde. Kijk naar het seizoen om te bepalen wat de pot schaft:
- Lente & Zomer (De groeifase): Zie je nieuwe bladeren verschijnen? Dan draait de motor op volle toeren. Dit is hét moment om voeding toe te voegen.
- Optie 1: Gebruik vloeibare kamerplantenvoeding bij het gieten.
- Optie 2 (Handig voor op kantoor): Druk voedingskegels of -sticks in de grond. Deze geven gedurende 3 tot 6 maanden langzaam voeding af. Ideaal als je er niet wekelijks aan wilt denken.
- Herfst & Winter (De rustfase): De dagen zijn kort en de plant gaat in de spaarstand. Stop nu direct met voeden. De plant kan de energie niet verwerken, waardoor de mineralen zich ophopen in de aarde. Dit leidt tot verbranding van de wortels en bruine punten aan het blad.
Wees zuinig. Een scheutje extra 'voor de zekerheid' doet meer kwaad dan goed. Een overschot aan voeding zorgt voor zoutophoping in de grond, wat de wortels ernstig kan beschadigen. Houd je dus strikt aan de dosering op de verpakking, of geef zelfs iets minder. Een Monstera met lichte honger is gezonder dan een Monstera met 'obesitas'.

Het verpotten van je Monstera is de ultieme gezondheidsboost die de plant nodig heeft om zijn iconische, grote bladeren te kunnen blijven maken. Na verloop van tijd raakt de oude potgrond uitgeput en groeien de wortels zo dicht op elkaar dat de plant letterlijk verstikt, wat de groei remt en de kans op ziektes vergroot. Door je Monstera naar een grotere pot met verse, luchtige aarde te verhuizen, geef je de wortels weer de nodige zuurstof en directe toegang tot nieuwe voedingsstoffen. Dit stimuleert niet alleen een explosieve groeispurt in het voorjaar, maar zorgt er ook voor dat de waterhuishouding optimaal blijft, waardoor je plant veerkrachtiger en vitaler de kamer in klimt.
Een grotere pot biedt je Monstera niet alleen de nodige groeiruimte, maar is ook dé kans om je interieur een stijlvolle upgrade te geven. Maar waar moet je op letten bij de keuze voor een nieuwe pot?
De juiste pot: drainage of waterdicht?
Welk systeem het beste werkt, hangt af van je interieur en hoe nauwkeurig je water geeft. Voor een Monstera is een goede balans tussen vocht en lucht essentieel.
- Pot met drainage: Een pot met een gat in de bodem is voor de gezondheid van de Monstera de veiligste keuze. Omdat deze plant gevoelig is voor 'natte voeten', zorgt een drainagegat ervoor dat overtollig water direct wegloopt. Dit voorkomt dat de wortels onderin de pot verdrinken.
- Let op: Gebruik altijd een passende schotel om het water op te vangen en voorkom vlekken op je vloer of tapijt.
- Waterdichte pot: Een gesloten pot ziet er strak uit en elimineert het risico op kringen of lekkages op de vloer. Dit is ideaal voor locaties met kwetsbare ondergronden en de beste keuze voor kantoren.
- Cruciaal: Omdat het water nergens heen kan, is het risico op wortelrot bij een Monstera aanzienlijk groter. Gebruik in een waterdichte pot daarom altijd een laag hydrokorrels of vulkanisch substraat onderin en werk met een watermeter. Zo weet je precies wanneer de plant verzadigd is en voorkom je een laag stilstaand water bij de wortels.
Voor een Monstera adviseren wij een sierpot met een diameter van ongeveer 25% van de hoogte van de plant. Heb je een Monstera van 100 cm hoog? Kies dan voor een pot met een doorsnede van minimaal 25 cm.
De voordelen van een ruime pot:
- Stabiliteit: Grote Monstera’s hebben vaak een fors bladerdek en groeien breed uit, zeker als ze tegen een mosstok klimmen. Een te kleine of lichte pot kiepert snel om zodra de plant topzwaar wordt. Een ruime, stevige pot biedt het nodige tegengewicht.
- Esthetiek: De verhouding tussen de weelderige, grote bladeren en een royale pot oogt gebalanceerd en luxer. Het geeft de plant de visuele 'basis' die hij verdient.
- Gezonde buffer: Meer ruimte betekent meer potgrond. Dit fungeert als een grotere voedingsbuffer en zorgt ervoor dat de vochtigheidsgraad in de pot stabieler blijft, waardoor de plant minder snel last krijgt van stress door uitdroging.
Waarom is de standaard kweekpot te klein?
Kwekers verkopen Monstera’s vaak in relatief krappe plastic potten om transportkosten te besparen; er passen er simpelweg meer op een kar. Voor langdurig gebruik in de woonkamer of op kantoor zijn deze potjes echter ongeschikt. Ze zijn instabiel door het lichte materiaal en de wortels zitten vaak al snel 'vast' tegen de wanden, waardoor er nauwelijks ruimte is om water vast te houden. Door je Monstera direct of kort na aanschaf te verhuizen naar een ruimere pot met vers substraat, geef je de plant de stabiliteit en de groeikracht die hij nodig heeft om echt groot te worden.
Om je Monstera vitaal te houden en die prachtige gaten in het blad te stimuleren, is de keuze van de grond (het substraat) cruciaal. Omdat de Monstera een epifytische achtergrond heeft, hebben de wortels veel zuurstof nodig; ze verdragen absoluut geen stilstaand water.
- Potgrond (De basisoptie): Reguliere potgrond is voordelig en rijk aan voedingsstoffen.
- Voordeel: Het biedt een goede start voor de beworteling en is makkelijk verkrijgbaar.
- Nadeel voor Monstera: Standaard potgrond houdt vocht vaak te lang vast en kan na verloop van tijd 'dichtslaan', waardoor de dikke wortels van de Monstera kunnen stikken. Gebruik potgrond daarom alleen in potten met drainagegaten en meng het bij voorkeur met perliet voor extra luchtigheid.
- Vulkanisch gesteente (De professionele keuze): Vulkanisch gesteente (zoals Bims) is grof en poreus. Voor de Monstera is dit de veiligste optie om wortelrot te voorkomen, zeker in omgevingen waar de watergift onregelmatig is.
- Werking: De poreuze korrels zuigen water en voeding op en geven dit heel geleidelijk af aan de plant. Door de grove structuur blijft er altijd voldoende zuurstof bij de wortels, wat essentieel is voor de grote wortelgestellen van de Monstera.
- Methode: Je kunt de Monstera met de bestaande aardekluit in een grotere pot plaatsen en de rest opvullen met vulkaankorrels. Dit creëert een perfecte drainagebuffer onderin en rondom de kluit.
- Watermeter: Vulkanisch substraat werkt optimaal in combinatie met een watermeter. Zo zie je in één oogopslag wanneer het waterreservoir vol is, zonder dat je in de grond hoeft te voelen.
- Hydrokorrels (Specifiek voor hydrocultuur): De bekende bruine kleikorrels zijn alleen geschikt als je een Monstera hebt die specifiek op hydrocultuur is gekweekt. Hierbij staan de wortels direct in het water tussen de korrels, zonder enige vorm van potgrond.

De Monstera Deliciosa (de gatenplant) is misschien wel de meest dankbare plant om te stekken. Het is niet alleen een leuke manier om je urban jungle uit te breiden, maar het is ook nog eens verrassend simpel. Of je nu een te groot geworden plant wilt temmen of een groen cadeau voor een vriend zoekt: zo pak je het aan.
Je hebt hier twee opties:
- Op water (de makkelijkste weg): Zet de stek in een glas met lauwwarm water. Zorg dat de knoop onder water staat, maar de bladeren droog blijven. Het voordeel? Je ziet de wortels letterlijk groeien. Ververs het water één keer per week.
- Direct in de grond: Doop de snijwond eventueel in stekpoeder en zet de stek direct in een pot met lichtvochtige potgrond. Dit is minder gedoe met overpotten later, maar je ziet minder goed of het proces slaagt.
Na een paar weken zie je de eerste witte wortels verschijnen. Wacht bij waterstekken tot de wortels minstens 5 tot 10 centimeter lang zijn voordat je de plant verhuist naar een pot met aarde.
- Luchtwortels zijn goud waard: Heb je een stek met een lange luchtwortel? Leid deze direct in het water. Je zult zien dat hier binnen no-time zijwortels aan groeien.
- Lente: Stekken kan het hele jaar door, maar in het voorjaar en de zomer heeft de plant de meeste groeikracht.
- Niet schrikken: Het kan even duren voordat de moederplant weer uitloopt op het punt waar je gesneden hebt. Geen zorgen, ze komt bijna altijd sterker terug!



- De juiste kantoorplant voor een specifieke lichtbehoefte
- Een offerte met afbeeldingen, ingedeeld per kamer, binnen 24 uur
- Whatsapp een foto van je kamerplant en vraag ons verzorgingstips

- Eigen transport met plantenexperts achter het stuur
- Geleverd op de locatie in huis/kantoor waar jij dat wilt
- Op een moment die jij wenst, afspraak is afspraak

- Verpotservice, laat ons het compleet maken
- Blijf gefocust op je werk, wij zorgen voor het onderhoud van je kantoorplanten.
- Gespecialiseerd in lage onderhoud frequenties




